De watermolen, zoals wij hem nu kennen, dateert uit 1910. Hij werd gebouwd nadat de vorige molen in vlammen opging. Op het eerste gezicht merkt men zelfs niet dat het een watermolen is. Het water wordt aangevoerd door een zijtak van de huidige bedding van de Mark en stroomt langs een kanaal onder de weg en het gebouw door. Aan de achterkant van het gebouw stort het bruisende water zich in het molenwiel [vijver), waarna het enkele tientallen meters verder weer in de Mark komt. Een bijzonder gebouw, waarvan de geschiedenis terug gaat tot in de 14e eeuw.

De molen wordt voor het eerst vermeld op 25 november 1382. De hoeve en de
molen werden toen verpacht aan Jan Teylens, Heyndrick Hillen en Heinrick Gilsman. De oorspronkelijke molen was er één met een onderslagrad en was ingericht als slag- of oliemolen. In zo'n molen werden oliehoudende zaden gemalen, om er vervolgens de olie uit te slaan. Na verloop van tijd werd de molen ook regelmatig gebruikt om graan te malen. Vanaf 1518 vinden we de watermolen regelmatig terug in de pachtovereenkomsten tussen de Graaf van Hoogstraten en de molenaar. meerseldreef om1

PALINGEN VOOR DE HEER

De watermolen van Meersel-Dreef had de hoogste pacht van alle molens van de Graaf. Oorspronkelijkwas die pacht betaalbaar in natura, met rogge, was en kruiden en specifiek voor watermolens, een hoeveelheid palingen. De rivieren waren toen nog zuiver en elk jaar kwam een hoeveelheid paling vanuit hun broedgebied, de Saragossazee nabij de Caraïben, van de Noordzee langs de Maas de Mark opgezwommen De jonge paling of "glasaaltjes" zwommen met grote hoeveelheden stroomopwaarts en werden als "meipalinq" door de molenaar over de sluis gezet. Wanneer de volwassen palingen, later op het jaar, stroomafwaarts zwommen werden ze met grote netten opgewacht aan de sluizen van de watermolens. De molenaar van Meersel-Dreef moest in die dagen 2000 van de gevangen palingen als huur afstaan aan de bewoners van het kasteel van Hoogstraten.

80 JARIGE OORLOG

Het mag een wonder heten dat de watermolen van Meersel-Dreef geen al te grote schade opliep tijdens de Tachtigjarige Oorlog [1568-1648). De lagere pachtprijzen tussen 1587 en 1596 wijzen wel in de richting van een verminderde activiteit in die periode. De molenaar had ook onrechtstreeks hinder van de onlusten. Op 28 juni 1603 diende hij een klacht in omdat er bij de molen van Meersel nauwelijks voldoende water was om te malen. Het water werd bij de Laermolen hoog opgedamd zodat het zo hoog mogelijk zou stijgen in de slotgracht rond het kasteel van Hoogstraten, als bescherming tegen de plunderende troepen.

EEN NIEUWE BEDDING

Bij het begin van het Twaalfjarig Bestand, in 1609, gaf de rentmeester van de heer aan een molenmaker de opdracht een kostenraming te maken om de molens in zijn gebied te herstellen. In dit verband stelde de rentmeester in 1614 voor om een vaart te maken rond de Meerselmolen. Dat zou gemakkelijker zijn voor het transport en voor het overtollige water. Men kan nu nog drie beddingen van de Mark zien: de oorspronkelijke zestiende-eeuwse bedding, afgezoomd met Canadese populieren, de zeventiende-eeuwse bedding, die voorbij de oude bedding recht op de weg afkomt en daar plots wegdraait, en de nieuwe bedding die tot stand kwam bij de ruilverkaveling in de jaren '70.

De vaart rond om oudste bedding is waarschijnlijk aangebracht voor 1621, dat is het moment dat de onlusten terug losbreken. De molen ligt dan op Spaans bezet grondgebied en zal om die reden in 1624 vernield worden. De eigen Staatse troepen willen alle bevoorradingspunten [dus ook de molens) op het Spaans bezet gebied vernielen. Eén jaar later is de molen hersteld, tot hij in 1668 afbrandt. De molen die dan gebouwd wordt is waarschijnlijk de eerste stenen molen. Die molen zal stand houden tot 1809, dan wordt ook deze molen door brand getroffen. In de Franse tijd wordt de molen in beslag genomen. Wanneer hij terug in hst bezit komt van de hertog van Salm-Salm, wordt hij in 1845 verkocht aan Josephus Rommens. Hij is een molenaar uit Wuustwezel en had in de jaren voor hij de molen kocht verschillende werken uitgevoerd samen met molenmaker Carolus Bruyninckx.

WEER EEN BRAND

Op 19 april 1910 wordt de molen opnieuw door brand getroffen en vrijwel geheel verwoest. De molen die toen in vlammen opging, had een waterrad dat aan het oog onttrokken werd door een uitbouw. Op de linkerpagina een zeldzame prentbriefkaart van deze molen. De toenmalige eigenaar Victor Rommens, bleef niet bij de pakken neerzitten. HiJ bouwde in géén tijd een nieuwe molen, die hij uitrustte met een voor die tijd, zeer modern maalwerk. De molen werd niet meer aangedreven door een waterrad, maar door metalen schoepraderen, die horizontaal in het water liggen en twee verticale assen aandrijven. De constructie is afkomstig van de Singrun fabrieken in het Franse stadje Epignal, gelegen in de Vogezen.

Aloïs Rommens, priester en broer van Victor Rommens, beschrijft de nieuwe installatie als volgt: "De molen bevat als vroeger drij paar maalstenen en eene olieslagerij, waarin twee hydraulische persen de vroegere oliebanken met stampers vervangen. Twee turbinen of schroefraderen, van 40 paardenkracht tezamen, brengen de graan- en oliemolen in beweging en kunnen met minder water drijmaal zoveel werk als het oude waterrad verrichten". Uit deze tekst kunnen we opmaken dat er in het begin van de vorige eeuw nog olie geslagen werd in de in de molen. Louis Aerts, de laatste molenaar, herinnert zich dat in de oorlog 40-45, alles van koper en brons van de olieslagerij door de Duitse bezetter werd afgevoerd.

VERLIES VAN ECONOMISCHE WAARDE

In de jaren '60 van de vorige eeuw verliest de molen stilaan zijn economische waarde. Een definitieve doodsteek komt er bij de uitvoering van de ruilverkaveling, wanneer men beslist om de Mark recht te trekken. De oude bedding, die eeuwenlang voor het nodige water zorgde wordt gedegradeerd tot een krachteloze zijtak. Het debiet was zodanig verminderd dat de turbines slechts op halve kracht konden draaien. In 1992 besluit Louis Aerts , die de molen in pacht had van André Rommens, om een punt te zetten achter zijn activiteiten als molenaar.

NIEUWE FUNCTIE

In juni 1998 kopen Hans Snel en Ans Groot de molen van André Rommens, de molen wordt gerestaureerd en weer maalvaardig gemaakt. Op de begane grond en de graanzolders wordt een woning gerealiseerd met respect voor het karakteristieke gebouw. De molen is regelmatig te bezichtigen. In de prachtige tuin en in de sfeervolle serre kunt u genieten van o.a. koffie met huisgemaakte appeltaart of een heerlijk koel drankje. Kijk op de website voor de openingstijden. Wilt u met familie of vrienden de molen bezoeken en daarna van een heerlijke lunch of high tea genieten? Wij maken voor u een passende offerte.

INFORMATIE

Bezoek regelmatig onze website voor de laatste activiteiten.

www.meerselmolen.be

Paul de Ruijter

Dreef 2

2328 MEERLE

+31622987932

Go to top